125.000 vrouwen met kettingzaag ‘rijbewijs’

Veel stukken bos in Zweden zijn  familiebezit. Deze stukken bos zijn al generaties lang van dezelfde familie. Dit privébos gaat als erfstuk over naar een nieuwe generatie die met dezelfde inzet en toewijding als de vorige het beheer uitvoert. Dit klinkt voor stedelingen als een hele uitdaging, maar we moeten niet vergeten dat de “nieuwe generatie” veelal vanaf kleins af aan heeft meegewerkt in het bos. In Zweden wordt dit meewerken zeker niet beschouwd als kinderarbeid, maar als wijze levenslessen.

Even wat cijfers om u te laten begrijpen hoe belangrijk het familiebezit op het totale bosareaal is. Het bosareaal is in totaal circa 11,4 miljoen hectare. Hiervan is meer dan de helft familiebezit. Deze oppervlakte wordt beheerd door de bijna 112.000 families verenigd in een van de vier verschillende familieverenigingen. Indrukwekkende getallen.

Bij bosbouw en bosbeheer denken we meestal in beelden van stoere, sterke mannen op grote machines en met groot formaat kettingzagen of bijlen. Met het gezegde van vader op zoon lijkt ons beeld dus te kloppen. Toch vreemd dat we niet zeggen van moeder op dochter, want dat kan natuurlijk net zo goed.

De kennis van het bos en het gebruik van gereedschappen is bij de kinderen vaak met de paplepel ingegoten. Dit geldt evenzeer voor meisjes als jongens.

Wat in de huidige tijd wel een beetje vreemd klinkt is dat tot de eerste helft van de twintigste eeuw vrouwen wel boseigenaar konden zijn en natuurlijk al het werk konden doen, maar volgens de Zweedse wet niet verantwoordelijk konden zijn voor het bosbeheer. Hun echtgenoot was altijd eindverantwoordelijk. Gelukkig is deze wet in het begin van de tweede helft twintigste eeuw op dit punt aangepast en kan de vrouwelijke boseigenaar nu ook verantwoordelijk zijn voor het bosbeheer.

Kerstin Dafnäs, voorzitter van Spillkråkan, de vereniging van vrouwelijke boseigenaren in Zweden, bevestigd dat het in haar, nou ja eigenlijk hun, geval ook bijna volgens het geijkte patroon is gegaan. Vader had geen zoon als opvolger en zou het stuk bos verkocht hebben als de twee dochters, die hun hele jeugd in het bos doorgebracht hadden, niet een luid protest hadden laten horen. Zij hadden vanaf jonge leeftijd meegeholpen met het bosbeheer en wisten als geen ander hoe het familiebezit te onderhouden.

Kerstin is een van de 125.000 vrouwelijke boseigenaren. Samen beheren zij ruim 4,5 miljoen hectare bos. Dat is meer dan de totale oppervlakte van Nederland. Veel van deze vrouwelijke eigenaren hebben natuurlijk, zoals Kerstin het met gevoel voor understatement pleegt te zeggen, hun kettingzaag ‘rijbewijs’. Ook Kerstin en haar zus doen het dagelijks onderhoud zelf.

Spillkråkan doet veel aan opleiding en promoot duurzaam bosbezit, tevens helpen zij families die bos bezitten met het behalen van een groepscertificaat voor verantwoord bosbeheer. PEFC groepscertificering is volgens Kerstin dé optie die perfect aansluit bij het bos dat familiebezit is.

Dus mocht u op vakantie in Zweden eens een dame met een buitenmodel kettingzaag tegenkomen, nee u heeft geen nachtmerrie, noch zit u in een slechte film, u ziet gewoon hoe belangrijk vrouwen in het bosbeheer in Zweden zijn.

Kerstin was een van de sprekers tijdens de PEFC jaarbijeenkomst afgelopen november.